Was het een ringslang?

Het moet ergens begin  jaren zestig zijn geweest. Ik was een jaar of tien. Wijdbeens stond ik in een stromende beek. Het schepnetje tussen mijn benen. Stekelbaarzen vangen. Het water stroomde kalm doch beslist tussen mijn benen door. Tot ik de schrik van mijn nog prille leven kreeg. De wereld en het water schenen even stil te staan.

Het was een mooie zomerdag in mijn zomervakantie, dat ik op een dikke meter van mijn schepnetje plots iets bijzonders aan zag komen. Kronkelend in het stroompje. Iets ‘aalachtig’. Geschrokken tilde ik mijn netje op. De aalachtige, zeker een halve meter lang,  zwom luttele seconden later tussen mijn benen door. Nog nooit had ik zoiets gezien. De kleine Hans schrok zich wild en stapte uit de beek  en liep naar het huis van zijn neven. Want daar naast de beek stond het grote woonhuis van de familie Kiezenbrink, waar ik  weer eens een paar dagen logeerde. Standplaats Hengevelde.

ringslang

Met niemand heb ik ooit over het voorval gesproken. In de jaren die volgden, zakte de gebeurtenis  naar de diepste diepten van mijn brein. Om een halve eeuw later weer naar boven te komen. Dat gebeurde een jaar of vier terug bij een bezoek aan het Haaksbergerveen. Daar zocht ik naar adders en na een paar bezoekjes wist ik die vaak snel te vinden. Bij één van die uitstapjes vroeg ik me af waarom er ter plekke geen ringslangen zitten. En toen kwam mijn bijzondere jeugdervaring weer tot leven.  De adder maakte de ringslang in mij wakker.

adder

Want ik kan een halve eeuw later haast niet anders concluderen dan dat ik toen een ringslang heb gezien. Een ringslang in een beek onder de rook van het dorp Hengevelde. Ik heb er een deskundige bij Ravon nog eens over gemaild. Met de vraag: was het een ringslang? Niet onmogelijk, zo luidde de reactie van de reptielendeskundige.  De ringslang kwam in die tijd op veel meer plaatsen in ons land voor.  Een ringslang in Hengevelde. Daar kun je je anno 2014 niets meer bij voorstellen.

Ik kom met mijn racefiets nog regelmatig langs de bewust locatie. Als vanzelf zie ik dan de aalachtige weer op me afkomen. En tussen mijn benen, achter mij,  uit het zicht verdwijnen.

Dit bericht is geplaatst in Reptielen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *